Hoe slim opladen werkt voor wagenparken en bedrijfsvestigingen
CPO’s maken gebruik van een CSMS of CPMS en OCPP om de stroom op de locatie toe te wijzen, voertuigen prioriteit te geven en ervoor te zorgen dat het opladen van het wagenpark en commerciële oplaadpunten binnen de operationele en elektrische limieten blijft.
Wat slim opladen betekent voor een wagenpark of een bedrijfslocatie
Bij slim opladen van wagenparken worden meerdere voertuigen gecoördineerd binnen operationele, elektrische en commerciële beperkingen. Het is niet de bedoeling om de goedkoopst mogelijke oplaadsessie te kiezen als een bestelwagen daardoor zijn route mist. Het systeem moet vóór vertrek de benodigde energie leveren, met inachtneming van de capaciteit van de oplaadlocatie en eventuele tarief- of vraagbeperkingen.
Voor CPO’s bestaat de centrale besturingslaag doorgaans uit een laadpuntbeheersysteem, ook wel CSMS of CPMS genoemd. Dit systeem zet beleidsregels om in instructies voor de laadpunten, houdt het resultaat in de gaten en registreert de laadsessie op één of meerdere locaties.
Hoe het CSMS en het OCPP samenwerken
Het CSMS ontvangt status- en transactiegegevens van de lader, berekent of ontvangt een laadplan en geeft vervolgens limieten door via OCPP. In OCPP 1.6 kunnen laadprofielen vermogens- of stroomlimieten instellen voor een lader en een bepaalde tijdsperiode. OCPP 2.0.1 voegt een breder model voor slim laden toe. Support verschilt Support per lader, firmware en backend, dus de exacte functies moeten worden getest.
Een CPO kan het CSMS gebruiken om regels toe te passen binnen een gemengd netwerk. Directe communicatie tussen de lader en het CSMS kan de afhankelijkheid van een fabrikant als tussenpersoon verminderen, maar neemt het integratiewerk niet weg. Inloggegevens, connectiviteit, klokafhandeling, eenheden, profielprioriteit en herstelgedrag moeten allemaal worden gevalideerd.
De CPO-regelkring
Het proces verloopt continu. Het CSMS houdt de aangesloten laadpunten in de gaten, past het beleid van de exploitant toe, stuurt limieten door en controleert vervolgens of de laadpunten zich hieraan hebben gehouden. Uitzonderingen, zoals een defecte stekker, een losgekoppeld voertuig of een handmatige overschrijving, leiden tot een nieuw plan. De operationele teams hebben alarmen en bewijsmateriaal nodig die de verandering verklaren, en niet alleen een optimalisatieprogramma dat nieuwe cijfers genereert.
Wanneer een externe energiedienst om flexibiliteit vraagt, mag de CPO dit alleen accepteren binnen de contractueel vastgelegde limieten voor de locatie en de verplichtingen ten aanzien van het wagenpark. Het CSMS blijft verantwoordelijk voor het omzetten van dat verzoek in haalbare instructies voor de laadpunten.
Welke gegevens zijn bepalend voor het tariefplan?
Een commercieel plan kan het volgende combineren:
- vertrektijd van het voertuig, route en benodigde energie;
- beschikbaarheid van de oplader en de status van de aansluiting;
- de vaste capaciteit van de locatie en de werkelijke belasting van het gebouw;
- elektriciteitsprijzen, capaciteitsvergoedingen of contractuele limieten;
- solar ter plaatse, accu’s of andere flexibele verbruikers;
- prioriteiten op het gebied van chauffeurs, klanten of dienstverlening; en
- netwerk- of flexibiliteitsvoorschriften, voor zover het contract dit toestaat.
Het CSMS weet niet automatisch wat de laadstatus van een voertuig is. Die gegevens kunnen afkomstig zijn van het voertuig zelf, uit telematica, via een ISO 15118-uitwisseling of op basis van een schatting van de exploitant, afhankelijk van de architectuur en de toegangsrechten.
Sitebeheer en portefeuillebeheer zijn twee verschillende zaken
Een lokaal energiebeheersysteem kan de aansluiting beschermen en snel reageren op de vraag vanuit het gebouw. Het CSMS kan sessies, gebruikers en beleidsregels binnen de gehele vastgoedportefeuille coördineren. Beide systemen kunnen een maximum voor de locatie uitwisselen, terwijl een lokale regelaar de directe limiet handhaaft en het CSMS de beschikbare capaciteit over de laders verdeelt.
Deze scheiding is van belang bij een internetstoring. De site moet veilige lokale limieten en vastgelegd offlinegedrag handhaven. Het CSMS kan opgeslagen transacties afstemmen en de optimalisatie op hoger niveau hervatten zodra de communicatie weer is hersteld. Lees hoe dynamische load balancing omgaat met de lokale beperking.
Hoe CPO’s voertuigen prioriteren
Gelijke stroomtoewijzing is eenvoudig, maar vaak inefficiënt. Een praktisch beleid kan voorrang geven aan voertuigen die als eerste vertrekken, aan voertuigen die onder een minimale energiedrempel zitten, aan hulpverleningsvoertuigen of voertuigen met een hoog gebruik, of aan betaalde serviceniveaus. Voertuigen met een lagere prioriteit kunnen later stroom krijgen, mits hun vertrekvereiste gewaarborgd blijft.
De CPO moet uitzonderingen vaststellen voor dispatchers en support , evenals een audittraject waarin wordt aangegeven waarom een voertuig minder stroom heeft ontvangen. De plannen moeten ook ruimte bieden voor koud weer, vertraagde aankomsten en storingen aan de laadpunten.
Wat moet er vóór de implementatie worden getest?
Test de daadwerkelijke lader, de firmware en het CSMS of CPMS met een realistisch aantal voertuigen. Controleer het gedrag van het laadprofiel, de faselimieten, de lokale belastingsgegevens, het herstel van sessies, de offline werking en wat er gebeurt wanneer twee systemen tegenstrijdige limieten doorgeven. Meet of voertuigen de vertrekdoelen halen, en niet alleen of er een schema op het dashboard wordt weergegeven.
Hoe Amina past
amina levert specifieke hardware voor CPO’s en werkt samen met gespecialiseerde software- en energiepartners. Volgens de huidige productinformatie over de amina C/C2- en M/M2-modellen is er lokale ondersteuning voor OCPP 1.6J en is de hardware voorbereid op OCPP 2.0.1. Deze hardwarevoorbereiding garandeert echter niet dat alle OCPP 2.0.1-functies voor slim opladen in een specifieke implementatie ook daadwerkelijk werken. Kies een geteste combinatie uit het aanbod van de huidige integratiepartners en test de beoogde profielen voordat u opschaal.
Dit is een voorbeeld van commercieel gebruik van slim opladen. De oplader, het CSMS, de lokale controller en de energiedienst moeten elk een duidelijke taak hebben.